Blues Rock Festival Oppe Ruiver eindigt in een feestsfeer

Het begint een traditie te worden, want dit is al weer de 7e editie van Blues Rock Festival Oppe Ruiver, in Reuver.
Het is nog niet zo heel erg druk in zalencentrum De Schakel als Joost de Lange Rock/Blues Experience om 15.15 uur de buhne betreedt. Ze spelen eigen werk en covers van bijvoorbeeld: Jimi Hendriks en Stevie Ray Vaughan. Frontman/gitarist Joost en bassist Mitchell Goor staan regelmatig naast elkaar te spelen. Het is goed te zien dat ze plezier hebben.

Na het tweede nummer vraagt Joost: “Zijn er fans van Rory Gallagher in de zaal?” Natuurlijk wordt er gejuicht. “Dan kennen jullie deze vast wel”, vervolgt Joost. Aansluitend wordt ‘Moonchild’ prima gespeeld. Van hun spiksplinternieuwe live-cd spelen ze ‘The rambler’. Tijdens het intro houdt Ramses Donvil zijn drumstokken even stil, even later valt hij bij. In de up-tempo delen drumt hij krachtig en fanatiek, maar in de rustigere delen past hij zijn manier van spelen aan. Joost laat een aantal mooie vocale uithalen horen waar een licht ruw randje op zit. Langzaam maar zeker druppelt de zaak voller en wordt de sfeer steeds losser. Joost heeft een goede interactie met het publiek. Heel terecht vestigt hij de aandacht op Mitchell en Ramses en op zijn nieuwe cd ‘Live in Antwerp’, die afgelopen donderdag uitkwam.

Als Joost de Lange Rock/Blues Experience het podium verlaten heeft, is het maar een paar seconden ‘stil’ in de zaal. In een hoekje van de zaal is de B-stage te vinden. Hier speelt ‘Tony Dowler’s Hellhounds’ maar liefst drie sets spelen van ongeveer een half uur. Deze tijd wordt gebruikt om de mainstage weer klaar te maken voor de volgende act. Natuurlijk is Tony de frontman (zanger/gitarist) van dit drietal. Ze zorgen met veelal bekende nummers dat niemand zich hoeft te vervelen. Sterker nog: Ze zetten een prima sfeer neer en er wordt volop meegezongen en gedanst.

Hoewel de Brit Ben Poole een twintiger is, heeft hij zich al lang gevestigd in de internationale blues/rock wereld. Dat laat hij samen met zijn band dan ook merken. Na een paar vrolijker nummers spelen ze ‘Have you ever loved a woman’. Dit nummer is amper van de setlist af te branden. Terecht, want zoals Ben dit speelt, iedere keer weer: klasse! Ook ‘Longing for a woman’ is een juweeltje. De start is laidback, maar zoals bij de meeste nummers van Ben Poole, zijn er ook hier veranderingen in tempo en volume. Tijdens een up-tempo stuk vliegen Ben’s vingers in hoog tempo over de snaren. Dit levert heel verdiend applaus op.

Drummer ‘Sam Wade’ speelt het intro van ‘Stay at mine’ solo. Fans klappen mee met dit opzwepende ritme. Toetsenist Joe Mac en Ben dagen elkaar uit. Ze spelen om de beurt en jutten elkaar op. De big smile op hun gezicht spreekt boekdelen. Ook als het tempo in de muziek erg hoog ligt, blijft Sam met dynamiek spelen. Vanuit dit hoge tempo, is er ineens een decrescendo, als één man spelen ze zachter en langzamer. Wat een topteam, waar natuurlijk ook bassist Beau Barnard een prima aandeel in heeft. Soms met gave grooves, soms als ritme-instrument.

Speciaal voor de zieke Alan Nimmo kondigt Ben ‘Time might never come’ aan. Wéér laat Ben onvoorstelbaar goed gitaarwerk horen. Ook zijn zang is en blijft super. Speciaal voor deze live versie wordt het einde van dit nummer langer gemaakt. Het nummer lijkt de eindigen, maar Ben plakt er nog een solo aan vast. Hier genieten fans én zijn band van. Als Alan dit zou zien, zou hij zeker genieten! Ben heeft de time table al door de war geschopt door langer te spelen. Toch vraagt hij: ‘Shall we play one more?” en dat wordt ‘Haning in balance’. Het optreden was een waar feest.

 

Zoals eerder gezegd is frontman Alan Nimmo van King King ziek. Gelukkig kon AJ Plug in komen vallen de winnares van de Dutch Blues award 2016. AJ Plug verschijnt op het podium als de mannen al spelen. ‘More to loose’ wordt als eerste gespeeld. AJ komt met haar licht ruwe stem vrijwel moeiteloos boven de muziek uit. Na de ballad ‘Crazy for you’ volgt ‘Spitting fire’ met het stampende, strakke blues ritme. Frankie V baant zich met zijn Hammond een mooie melodie hier doorheen.

‘Trouble’ heeft een laidback start. AJ laat horen dat ze een veelzijdige stem heeft. Ze kan met power zingen, maar hier klinkt haar stem zwoel. Gitarist Guy Smeets laat in een instrumentaal stuk een knap staaltje gitaarwerk horen. Deze tiener kon al zo goed spelen, maar hij is weer gegroeid in zijn kunnen. Als het tempo omhoog gaat, staat hij al springend te spelen. AJ kiest ‘Waiting for love’ uit om in de zaal tussen haar fans, en met haar fans te dansen. Eenmaal terug op het podium laat ze een aantal power uithalen horen. Ze betrekt de aanwezigen erbij door het publiek “Yeah yeah” te laten zingen. Ze weet zeker te vermaken, maar het dak krijgt ze er net niet af. Met een biertje in haar hand begint ze aan ‘Big sweet love’. Guy maakt deze ballad extra mooi door zeer gevoelig te spelen. Drummer JJ Goossens laat zich met gesloten ogen meevoeren in deze flow. Een paar regels zingt AJ geheel solo en na ‘Down on my knees’ verlaat de band het podium. Om een toegift wordt niet eens gevraagd.

Tony Dowler’s Hellhounds beschikken over voldoende spirit om het publiek te blijven boeien. Of het nu een half uur is of 40 minuten: De mannen blijven enthousiast spelen. Toch keken we uit naar de vervangende headliner van King King: Blues for Gary by Henrik Freischlader. Ze maken best een goede indruk, maar het bruist niet ècht op het podium. Zanger/gitarist Henrik Freischlader heeft een vrij gesloten, bijna timide manier van performen. Als frontman mag hij best meer fysieke en gelaatsexpressie tonen. Henrik is wel de ‘leader of the pack’. Moritz Meinschäfer gebruikt zijn drums voornamelijk als ritme-instrument. De variatie (van breaks en fills) laat hij achterwege. Bassist Pete Rees vult ritmesectie aan. Terwijl Vic Martin met zijn Hammond voor een aanvulling in de melodie zorgt. Ze spelen goed, maar niet zo goed dat het publiek de wereld om zich heen vergeet.

Dat verandert als Ben Poole en Guy Smeets mee gaan spelen. De vibe die zij meebrengen, slaat over naar het publiek: ‘Too tired’ zorgt voor vuurwerk. Om de beurt improviseren en soleren de mannen. Soms gebeurt het dat als de één stopt met spelen, de ander niet binnen één seconde verder gaat… maar dat levert gelach op en verhoogt de vreugde. Dit is geweldig en de mannen spelen het dak eraf.

Hendrik heeft bij ‘Pretty woman’ moeite om boven het snaren-volume uit te komen. Maar dat geeft niks. Dit is een feest, hier zijn we voor gekomen. Met ‘The sky is crying’ gaat het feest verder. De drie mannen gunnen elkaar de solo’s en genieten van ieder moment. Ze troeven elkaar niet af, maar sporen elkaar juist aan. Tot en met het einde van het nummer is het puur genieten. De mannen verlaten hierna het podium. Er wordt luidkeels “We want more” geroepen, maar Henrik Freischlader en zijn mannen komen niet terug. Een beetje jammer is het wel. Maar wat maakten deze drie gitaristen er een gaaf feest van!

Foto’s (c) Jack Kok