Watermelon Slim – Golden Boy

De als Bill Homan geboren Watermelon Slim kan een boek schrijven over zijn leven. Hij heeft verschillende baantjes gehad, zoals vrachtwagen- en heftruckchauffeur, en ook heeft hij als boer ooit watermeloenen verbouwd. Ondanks zijn werkverleden heeft Homan universitaire graden in journalistiek en geschiedenis. Na in Vietnam gewond te zijn geraakt leerde hij in het ziekenhuisbed gitaar spelen. Uit het ziekenhuis gekomen was hij anti-oorlog en hij begon dan ook met het zingen van protestliederen. Na in 2002 een bijna fatale hartaanval te hebben overleefd heeft hij besloten de muziek eens serieus aan te pakken. Inmiddels heeft hij al elf countryblues-albums op zijn naam staan.

Met “Golden Boy” is onlangs zijn twaalfde album verschenen met daarop tien nummers, waarvan er zeven door hem zelf zijn geschreven. Hoewel geboren in Boston in 1949 zingt Homan zingt met een zwaar zuidelijk dialect. Dat hij is opgegroeid in Tulsa, Oklahoma is daar duidelijk de oorzaak van. Dat het af en toe lijkt alsof hij zijn kunstgebit thuis heeft laten liggen maken het verstaan er niet makkelijker op. Maar ach, ook dat heeft zijn charme. Dat hij zich dat realiseert is duidelijk, omdat hij in de linernotes geen “vocals”, maar “voice” achter zijn naam aangeeft. Daarnaast speelt hij slidegitaar en mondharmonica. We horen een combinatie van blues, folk en rock. Hij begint met twee bluesnummers en wisselt achtereenvolgens Native-American zang af met folksongs en meer blues. Op mij maken “WBCN”, een anti-oorlogsnummer, herinnerend aan zijn tijd als anti-Vietnamoorlog activist, en “Wolf Cry”, een waarschuwing tegen het vernielen van onze wereld begeleid door Native-American zang, de meeste indruk.

Watermelon Slim is iemand, waarvan de teksten op zijn minst net zo belangrijk zijn als de melodieën. Het is goed dat er een boekje met deze teksten is meegeleverd. Een uitstekend album. (Dixiefrog Records) (8,5/10)

Deel dit artikel met je vrienden!: